De beurs (Wall Street) is geen rustige spaarrekening maar een roterende bedrijvenmarkt met echt faillissementsrisico. Het is bedoeld als skill-casino: wie de markt goed leest, verdient; wie blind gokt, kan zijn inleg kwijtraken. De beurs is geen geldprinter — verlies is een reëel onderdeel van het spel.
Drie risicoprofielen
Je handelt in bedrijven met het profiel Stabiel, Groei of Hoog risico. Stabiel heeft kleine koersbewegingen en gaat niet failliet door de gewone beursupdate. Groei en Hoog risico kunnen sterker stijgen of dalen en kunnen wel failliet gaan. Kies een profiel dat past bij het verlies dat je kunt dragen.
Kopen en verkopen
- Koop laag, verkoop hoog — het klassieke principe. De koersen bewegen mee met vraag en aanbod.
- Order-impact — je eigen aan- en verkopen beïnvloeden de koers: groot kopen drijft de prijs op, groot verkopen drukt 'm.
- Direct verkopen — er is geen wachttijd tussen kopen en verkopen. Een snelle verkoop kan wel verlies opleveren door koersimpact en kosten.
- Handelskosten — je betaalt 0,3% bij aankoop en 0,3% bij verkoop. Bij verkoop komt daar 0,4% belasting over de bruto-opbrengst bij, met minimaal $1 belasting.
Faillissement
Gaat een bedrijf failliet, dan verdwijnen je aandelen en krijg je een curatorvergoeding op je bank: bij Groei 55% van je inleg inclusief aankoopkosten, bij Hoog risico 40%. De rest verlies je. Op dezelfde plek verschijnt een nieuw bedrijf; je krijgt daarin geen vervangende aandelen.
Hulpmiddelen en grenzen
- Posities — je kunt aandelen van maximaal drie bedrijven tegelijk bezitten. Per bedrijf gelden ook een voorraad- en bezitlimiet, zichtbaar op de beurs.
- Weekplafond — zodra je netto gerealiseerde weekwinst de getoonde grens bereikt, kun je die week niet meer bijkopen. Verkopen blijft mogelijk, ook als je daarmee boven de grens komt. Verlies verlaagt de weekteller.